Waarom 'zeg eens doei' minder helpend is dan je denkt
Wanneer jij nog druk bezig bent met afscheid nemen, rent je kind al lachend de deur uit. Met een bezwaard gevoel roep jij hem terug, want hij moet natuurlijk nog wel even ‘doei’ zeggen. Wat zullen de mensen wel niet denken over jouw opvoeding? En hoe uit zich dit gedrag als je kind groter is? Als ouder ben je vaak geneigd dit gedrag in het moment te corrigeren. Het liefst dwing je het ‘goede gedrag’ af en eis je van je kind dat hij even gedag zegt: “Zeg maar ‘doei'”, “Zwaai maar even!”, “Een boks anders?”, “Jij kan dat wel zeggen toch?”.
Met als resultaat: Een kind dat nóg stiller wordt.
Wanneer een kind het gevoel krijgt dat het nú iets moet zeggen, verschuift de aandacht van communiceren naar presteren. En presteren en leren gaat bij jonge kinderen niet goed samen.
In deze blog leer je hoe je afscheid nemen anders aan kunt pakken dan door het ‘af te dwingen’.
Lees hieronder mee!
Je kind loopt de deur uit zonder gedag te zeggen
Dat je kind geen gedag zegt is geen teken van onwil of onbeleefdheid, maar vaker een signaal dat een kind wat meer tijd nodig heeft, even niet durft óf gewoon al verder is.
Wanneer wij dan zeggen: “Zeg maar doei” kan dat voelen als druk. En onder druk blokkeert taal juist. Door zelf het afscheid te verwoorden en voor te doen, bieden we rijke taal en veiligheid voor ons kind.
Waarom kan mijn kind 'gewoon' eventjes gedag zeggen?
Als je kind geen gedag zegt, kan je al snel een onzeker gevoel bekruipen. Want waarom zegt het kind van die ene “perfecte buurvrouw” het al wel? Heel begrijpelijk dat jij je zo voelt dus, maar zeker niet nodig.
Veel kinderen hebben namelijk nog tijd nodig om te verwerken welke ervaringen ze zojuist hebben opgedaan. Het lijkt voor ons allemaal zo gewoon, maar jouw kind heeft zojuist een hele bak met ervaring opgedaan door de omgang met een ander (spelen met oma, stoeien met een vriendje of zélfs het drinken uit een beker, zonder te morsen).
Het verwerken hiervan kost dus veel tijd. En wanneer er dan ook nog gevraagd wordt gedag te zeggen, kan dit net een stapje te veel zijn. Hierdoor kan je kind zich terugtrekken, dichtklappen of letterlijk weglopen. En dus (voor jou) ongewenst gedrag laten zien. Kinderen laten dit gedrag ook vaak zien wanneer ze al bezig zijn met het volgende waar ze naartoe willen.
Hoe jouw rol als ouder helpend is bij de gewenste vorm van afscheid nemen
Kinderen leren taal door voorbeeld; wanneer jij model staat voor het gewenste gedrag zal je kind al snel volgen. Kinderen leren namelijk niet door dingen te herhalen onder druk, maar door rijk taalaanbod.
Jij zou bijvoorbeeld kunnen zeggen: “Doei oma, dankjewel voor het spelen. Tot volgende week!”
Hiermee geef je je kind een volledig, betekenisvol voorbeeld.
We noemen dit ‘modelleren’: Je doet voor hoe een afscheid klinkt; Welke woorden erbij horen en welke zinnen je kunt gebruiken. Zonder dat je zegt dat het echt móét.
Kinderen slaan die voorbeelden op in hun passieve woordenschat. En vanuit daar gaan ze het, op hun eigen moment, steeds meer zelf gebruiken.
Hoe help je je kind op dit moment het allerbeste?
Merk je dat je kind wel wil, maar nog niet precies weet hoe? Help je kind dan door een keuze aan te bieden, bijvoorbeeld: “Kijk, ik zeg ‘doei’ tegen oma. Wil jij ‘doei’ zeggen of wil je liever zwaaien?”
Zo maak je het afscheid toch nog leuk, heb je je kind geholpen én hoef je je niet meer onzeker te voelen en te vergelijken met die ene “perfecte buurvrouw” en haar kind!
Interesse in onze cursus?
Bekijk de cursus of neem contact met ons op